Groeikrampen

De beurscorrecties van de laatste dagen zijn vooral geïnspireerd door opeenvolgende neerwaartse bijstellingen van de groeiprognoses in China en de VSA.  De Chinese groei ontgoochelde de financiële markten blijkbaar met een jaargroei van 7,7%. Toch hoeft dit geen verbazing te wekken : de Chinese overheid had immers reeds maanden geleden zelf haar groeidoelstelling op 7,5% teruggebracht, zodat de huidige prestatie mij niet speciaal ontgoocheld. Vergeet hierbij zeker ook niet dat de lager dan verwachte inflatiecijfers ( vooral door een terugval van de voedselprijzen op de internationale markten) de Chinese beleidsmaker intussen de nodige beleidsruimte heeft gegeven om in te grijpen waar en wanneer nodig.

Indien er nu ook voldoende indicatie zou komen dat een zeepbel in de vastgoedsector kan worden vermeden, dan staat niets nog in de weg om een algemene stimulans, zoals een renteverlaging,  te overwegen. Maar zover zijn we nog niet .Vooreest is een dergelijk ingreep nu nog niet nodig. De PMI-cijfers zijn weliswaar zwak (naar Chinese normen ) maar indiceren toch nog een jaargroei van 13% in de industriële sector , anderzijds moet de terugval in inflatiecijfers nog bevestigd worden door gelijkaardige cijfers in de komende maanden om van een duidelijke trend te kunnen spreken. Zoniet dreigt men expansieve monetaire maatregelen te nemen die gestoeld zijn op een instabiel prijsplatform hetgeen de inflatie onnodig zou aanwakkeren.

Deze situatie vereist dus het nodige geduld om tot voldoende inzicht te kunnen komen over de potentiële beleidsopties van de Overheid en de groeikracht die Chinese economie intussen heeft weten te ontwikkelen. Maar bijkomend geduld vragen aan de financiële markten kent het klassieke en voorspelbare antwoord : lagere koersen en lagere koers-winstverhoudingen.     

Wie overigens op het globale economische front op zoek is naar goed nieuws kan alleen nog terecht in Japan. Na een decennium van overheidsmaatregelen waaruit  eerder twijfel dan determinatie viel af te leiden, kan de nieuw aangetreden regering alleszins niet het verwijt krijgen dat niet de nodige doortastendheid aan de dag wordt gelegd om het land eindelijk te bevrijden van het juk van deflatie en zeer zwakke binnenlandse groei.  De mindere prestatie van de Chinese overbuur wordt hierdoor gedeeltelijk gecompenseerd zodat de Aziatische regio op zich nog steeds op een benijdenswaardige groei kan rekenen en zich hiermee steeds nadrukkelijker profileert als de uitverkoren regio voor investeringen op lange termijn. 

De eerder deze maand gepubliceerde ISM-cijfers  in de VSA impliceerden een neerwaartse bijstelling van de verwachte economische groei  voor 2013 van 2% naar een schamele 1,7%. Op zich echter nog voldoende om de winstmarges van de bedrijven in stand te houden maar niet voldoende om van een substantiële toename aan werkgelegenheid te mogen spreken.  Dit laatste is echter nodig om een groeiversnelling van enig niveau in de toekomst  voorop te stellen, want deze moet ondersteund zijn door een toename van consumptieve bestedingen.

Ondanks de matige groeicijfers en de nodige bijsturingen ervan – die hun impact op de meeste beurzen niet gemist hebben- zijn de bedrijfswinsten in de emerging markets zone en de VSA voldoende om de huidige beursniveaus te ondersteunen. Zeker wanneer men er rekening mee houdt dat de vastgestelde groeivertraging de monetaire overheden de kans geeft haar expansieve beleid verder aan te houden. In principe moet dit laatste element geleidelijk de overhand krijgen. De resulteert eerst in hogere koers-winstverhoudingen en nadien in gefundeerde stijgingen van het koersniveau.

Eerder afwachten dus, maar dan op een (wat) lager niveau.

Dit bericht werd geplaatst in beurs,conjunctuur en getagd , door Stefan Duchateau . Bookmark de permalink .

Over Stefan Duchateau

Stefan Duchateau is adviseur bij de Argenta Groep en voorzitter van de diverse beleggingsvennootschappen van deze groep. Hij doceert o.a. Portfoliomanagement, Financial engineering en Financieel risicobeheer aan de HUB (Brussel), Security selection, Portefeuillebeheer en beleggingsleer aan de KU Leuven en Financial derivatives aan de UHasselt. Bij Argenta richt hij zich ondermeer op het financieel en risicobeheer, het strategisch beleid en de uitbouw van de beleggingspijler van de bank- en verzekeringsgroep. Dit houdt onder meer de ontwikkeling in van beleggingsproducten en het beheer van beleggingsfondsen. Prof. Dr. S. Duchateau studeerde af als handelsingenieur en is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen.