Another BRIC in the wall?

Verdenk ons niet te snel van misplaatst jeugdsentiment. Wij vonden dit album van de legendarische alternatieve rockgroep Pink Floyd slechts een aandoenlijke poging om hun eerdere meesterwerken nog eens dunnetjes over te doen. Maar dit afkooksel slaagde hier (in de verste verte) niet in. Maar het verkocht wel lekker …

Is dit misschien ook het scenario dat zich langzaam maar zeker ontwikkelt rond de beurzen van de eens zo roemruchte BRIC-landen? Een goed verkopend verhaal, maar met ontgoochelende resultaten. Of ontwikkelt zich nu recent een dramatische plotwending die de geduldige BRIC-beleggers toch aan de verhoopte resultaten zal helpen?

De laatste 3 jaar waren alleszins ontluisterend voor het eens zo geloofwaardige groeiverhaal dat werd toegedicht aan de 4 grote ontluikende economieën die telkens konden bogen op krachtige groei-impulsen. Deze konden worden afgeleid uit hun fundamentele vooruitgang inzake productiviteit (zoals in China en India ), hun bevolkingsdynamiek (zoals in India en Brazilië) die hun interne consumptie structureel moet ondersteunen, hun stijgende opleidingsniveau (zoals in China en India – met 400.000 ingenieurs die er jaarlijks afstuderen) of hun dominante positie in de grondstoffenmarkt (zoals in het “herboren” Rusland of Brazilië).

Maar ten opzichte van de wereldbeurzen vielen deze beloftevolle, toekomstige economische grootmachten (waarvan China er één geworden is) vooral op met een opvallende onderperformance over de laatste 3 jaar van liefst 50 % (in euro uitgedrukt) ten opzichte van de wereldindex. Je zou voor minder vragen beginnen te stellen. Ook ten opzichte van de Aziatische markten bleven de BRIC-landen opvallend nahinken, met zo’n 30 % achterstand in koersontwikkeling. Het is zonder meer duidelijk dat de kleinere , wendbaardere economieën in de Aziatische groeipool het pleit naar zich toe wisten te trekken.

Grafiek 1: Koersevolutie BRIC-landen, in vergelijking met de Wereldindex en de Aziatische markt.  (BRIC-landen: Rood; Wereldindex: Blauw; Azië: Groen)

1aPicture1

De terugblik op de prestatie van de BRIC-landen is eerder problematisch – vooruitblikken dan maar …

Door de recente stijging in de BRIC-beurzen is er zeker sprake van hernieuwde interesse in dit type van investeringen. Is deze “renaissance” echter terecht?

De klim van de BRIC-beuzen is vooral geïnspireerd door de algemene vooruitgang van de wereldbeurzen maar kent toch ook een interne dynamiek die ondermeer gebaseerd is op het verwachte herstel van de bedrijfsresultaten.

Grafiek 2: Evolutie van de (verwachte) bedrijfsresultaten (FY1) in de BRIC-zone

(China: Rood; Brazilië: Blauw; Rusland: Magenta; China: Groen)

1Picture2

Maar deze herstelbeweging is vooral geconcentreerd in China en India. De eerste lijkt stilaan het juk van de vastgoedsector af te wenden maar toch blijft hier enige voorzichtigheid aangewezen. De recente conjunctuurcijfers duiden op enig herstel in de industrie maar op zich vormt dat misschien eerder een rem op de verhoopte stimulansen die de Chinese overheid dient te nemen om haar economie terug naar een hoger groeipad te doen bewegen. De opsprong in de (verwachte) bedrijfsresultaten is ons echter zeker niet ontgaan.

De Indische situatie is enigszins eenduidiger wat betreft de verwachte houding van de pas verkozen regering; vandaar dat de lokale beurs op korte termijn spectaculair is hersteld. Deze klim is vooral gebaseerd op de hoop dat het nieuwe politieke bewind meer bedrijfsgezind zal optreden en ervoor zal opteren om een economische groei en jobcreatie af te dwingen die gesteund zijn op een duurzaam fundament. Dit in groot contrast met de eerdere, kortzichtige creatie van werkgelegenheid in de overheidssector, die enerzijds een zware budgettaire last veroorzaakt maar anderzijds leidt tot een onhoudbare inflatiedruk (door de inefficiënte aanwending in de overheidssector) en de regelweverij die een overheid typeert, die haar massale explosie in ambtenaren wil verantwoorden door middel van een lawine aan hinderlijke nieuwe wetgeving.

Maar het afbouwen van het ambtenarenkorps veroorzaakt een nieuwe golf aan werkloosheid, die pas op langere termijn zal gecompenseerd worden door nieuwe jobs in de industrie. Of de nieuwe regering haar strategische denken op lange termijn kan volhouden in een dergelijke context is dan ook een open vraag.

India is en blijft voor ons de groeimarkt van de toekomst, of beter gezegd, de op een na meest beloftevolle. Er is met name nog dat andere groeiland dat grondstoffen op overschot heeft, zeer goedkope energie kan aanwenden en een zeer positieve bevolkingsdynamiek kent met goed opgeleide en gemotiveerde professionals: de Verenigde Staten van Amerika …

Rusland en Brazilië blijven echter duidelijk achter inzake de verwachte ontwikkeling van hun bedrijfswinsten, met een eerder mediocre verloop dat zich nadrukkelijk vertaalt in achterblijvende beurzen ten opzichte van China en India.

Grafiek 3: Evolutie van beurzen van de diverse BRIC-landen

(BRIC index: Rood; India: Blauw; China: Groen; Brazilië: Magenta; Rusland: lichtblauw)

1Picture3

 

Brazilië en Rusland zijn duidelijk sterk afhankelijk van de evolutie van de grondstoffenprijzen. Deze laatste index vertoont een negatieve ontwikkeling tijdens de laatst 3 jaar, maar kent recentelijk een lichte kering, die zich ook onmiddellijk heeft vertaald in een beperkte koersklim van de Russische en Braziliaanse beurzen.

De belangrijkste impact op de prestaties van de BRIC-beurzen moet echter vooral worden toegedicht aan de rentestijgingen in de VS in mei 2013. Bernanke vond het op dat moment nodig om een stijging van de Amerikaanse rente aan te kondigen. Voorbarig en onnodig, zoals later zou blijken met een zeer negatieve fall-out in de groeilanden in het algemeen en in de BRIC-landen in het bijzonder.

Vooral India, Brazilië en Rusland zijn nog steeds zeer kwetsbaar voor opstoten van kosteninflatie. Bij een rentestijging in de VS komen onmiddellijk de wisselkoersen van deze landen onder druk te staan met als directe consequentie dat de lokale rentetarieven moeten worden opgetrokken om een verdere terugval van hun munten te vermijden. Lagere wisselkoersen creëren immers een ideale voedingsbodem voor (geïmporteerde) inflatie. Dit proces ondermijnde echter de eerdere inspanningen om de economie van deze landen terug op te krikken met monetaire stimulansen

Grafiek 4: Evolutie van de Amerikaanse rente (10 jaar) en de beurzen van de BRIC-landen

1Picture4

Deze ontwikkeling is echter gestopt omwille van de lagere zones die de Amerikaanse rente recent is gaan opzoeken, hetgeen opnieuw voor wat ademruimte heeft gezorgd bij een groot aantal groeilanden.

Een verder herstel van de beurzen van de BRIC-landen blijft vandaar waarschijnlijk in de context van een blijvend laag renteniveau in de VS, bij een verder herstel van hun wisselkoersen, wat op zich ook lagere rentetarieven in deze regio mogelijk zal maken.

Bij een verder herstel van de grondstoffenprijzen en een lichte herneming van de groeivooruitzichten van de Chinese economie, kan er zelfs een inhaalbeweging worden ingezet.

Of dit tot merkbare wijzigingen in onze beleggingspolitiek aanleiding zal geven, vraagt u zich af?

Eigenlijk niet. We blijven betere kansen toemeten aan de kleinere markten in Azië en zien meer direct groeipotentieel in de Europese en Amerikaanse biotechnologiesector en de Amerikaanse schaliegasontginning en – korter bij huis – in een verder herstel van de Italiaanse en Spaanse aandelenbeurzen.

 

 

Dit bericht werd geplaatst in beurs,conjunctuur en getagd door Stefan Duchateau . Bookmark de permalink .

Over Stefan Duchateau

Stefan Duchateau is adviseur bij de Argenta Groep en voorzitter van de diverse beleggingsvennootschappen van deze groep. Hij doceert o.a. Portfoliomanagement, Financial engineering en Financieel risicobeheer aan de HUB (Brussel), Security selection, Portefeuillebeheer en beleggingsleer aan de KU Leuven en Financial derivatives aan de UHasselt. Bij Argenta richt hij zich ondermeer op het financieel en risicobeheer, het strategisch beleid en de uitbouw van de beleggingspijler van de bank- en verzekeringsgroep. Dit houdt onder meer de ontwikkeling in van beleggingsproducten en het beheer van beleggingsfondsen. Prof. Dr. S. Duchateau studeerde af als handelsingenieur en is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen.