Yes, we can … go higher on Wall Street

Nog net voordat het gordijntje van het eerste verkiezingshok in de VS opzij werd geschoven, gaf Fed-voorzitter Yellen nog een laatste monetair duwtje in de rug van haar machtige maar weinig populaire baas in het Witte Huis. Ronduit aandoenlijk hoe de monetaire politiek van dé economische supermacht op onze planeet wordt gedomineerd door een louter politieke agenda. We gaven het al geruime tijd geleden en dit bij herhaling aan dat de agressieve stimulering, via lage rente en vooral via het massaal opkopen van overheids- en bedrijfsobligaties op de financiële markten, zou eindigen op 30 oktober 2014. Geen dag eerder of later. De monetaire overheid had immers de strikte opdracht voor ogen om de economie en werkgelegenheid maximaal van adrenaline te voorzien in het licht van de halftermijnverkiezingen in de Amerikaanse Senaat. Uit opiniepeilingen bleek immers dat de Democraten ook daar hun meerderheid dreigden te verliezen zodat alle zeilen moesten worden bijgezet om het tij te keren.

Dat hiervoor de monetaire politiek extreme grenzen opzocht en aftoetste, was voor Yellen geen probleem. Zij had immers enerzijds een hoger doel voor ogen, terwijl er anderzijds intussen geen enkel alarmsignaal (zoals hogere inflatie, loonspanningen of ontploffende financiële zeepbellen) afging. Bernanke had voor deze opdracht eerder al bedankt. Maar de inspanningen van Yellen leidden uiteindelijk niet tot de verhoopte verkiezingsoverwinning. Integendeel. En wij zijn daar helemaal niet rouwig om. Niet omdat we het president Obama willen ontzeggen maar wel omdat deze, louter politiek geïnspireerde, monetaire impuls precies was wat de Amerikaanse economie nodig had om de last van de voorbije recessie van zich af te werken.

Nadien zal men de Fed wellicht roemen omwille van zijn “moedige” politiek om de langetermijnrente zo lang extreem laag te houden. Hetgeen terecht bleek want de inflatie bleef laag, de werkgelegenheid herstelde, de conjunctuur sloeg een opwaarts pad in en de bedrijfswinsten verrasten in positieve zin.

Ons zal u alleszins niet horen klagen. De combinatie van hogere ondernemingsresultaten, lage rente en afnemende risicoaversie, joeg immers zowel de aandelen- als de obligatiemarkten naar recordniveaus. Het stopzetten van de QE-stimulans heeft op het eerste zicht ook een negatieve bijwerking met name een evidente stijging van de langetermijnrente. Maar in de meeste analyses zal dit eerder via een geleidelijk proces verlopen. De onmiskenbare opwaartse druk op de LT-rente wordt immers gedeeltelijk afgeleid door de relatief lage inflatie maar vooral ook door het afnemende budgettaire tekort in de VS. Dit betekent dat er minder overheidsobligaties worden aangeboden, zodat er ook een verminderde druk op de financiële markten komt te liggen.

Maar hogere renteniveaus op langetermijnobligaties zijn onvermijdelijk maar in eerste fase niet hinderlijk voor de financiële markten. Zo stijgen de bedrijfswinsten in de VS sneller dan de rente stijgt, zodat aandelen nog steeds hogere niveaus kunnen opzoeken. Daarenboven moet voor 2015 het groeitempo van de Amerikaanse bedrijfsresultaten nog kunnen versnellen wanneer we de huidige conjunctuurvoorspellingen (zoals de ISM-indicator) extrapoleren. Dit is vanzelfsprekend een erg boute uitspraak, in scherp contrast met die van de meeste andere waarnemers, maar wel gebaseerd op een solide verband tussen conjunctuurvoorspellingen en toekomstige bedrijfsresultaten.

De huidige resultaten lijken deze prognose alleszins te ondersteunen: 80 % van de gepubliceerde ondernemingswinsten zijn hoger dan verwacht en liggen 10 % hoger dan vorig jaar.

Vrees ook niet te veel voor de blokkerende situatie op het Amerikaanse politieke toneel. Een democratische president met een Republikeinse meerderheid in beide kamers levert gemiddeld een positieve beursperiode op. Het omgekeerde, een Republikeinse president met een meerderheid van Democraten in beide kamers, levert gemiddeld een negatief resultaat op. Gemiddeld …

Trouwens, periodes met een Democratische president leveren sedert 1926 een gemiddelde jaarreturn op van boven 11 %. Een Republikeinse president levert minder dan 3 % per jaar …

Waarschijnlijk toeval, of is het misschien zo dat een agressieve monetaire politiek van democratische stempel effectiever is dan de (beloofde) belastingdalingen uit het Republikeinse receptenboek?

De campagnekreet van het eens zo enthousiaste Obama-legioen klinkt nu waarschijnlijk zeer bitter in hun oren.

“Yes, we can” lijkt nu enkel te worden aangevuld met “ go higher on Wall Street … “

En dat kan bezwaarlijk de bedoeling zijn geweest van de kiezers van Obama.

Dit bericht werd geplaatst in beurs,conjunctuur door Stefan Duchateau . Bookmark de permalink .

Over Stefan Duchateau

Stefan Duchateau is adviseur bij de Argenta Groep en voorzitter van de diverse beleggingsvennootschappen van deze groep. Hij doceert o.a. Portfoliomanagement, Financial engineering en Financieel risicobeheer aan de HUB (Brussel), Security selection, Portefeuillebeheer en beleggingsleer aan de KU Leuven en Financial derivatives aan de UHasselt. Bij Argenta richt hij zich ondermeer op het financieel en risicobeheer, het strategisch beleid en de uitbouw van de beleggingspijler van de bank- en verzekeringsgroep. Dit houdt onder meer de ontwikkeling in van beleggingsproducten en het beheer van beleggingsfondsen. Prof. Dr. S. Duchateau studeerde af als handelsingenieur en is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen.

5 reacties op “Yes, we can … go higher on Wall Street

  1. hallo,

    indien mogelijk graag een lettertype met iet of wat meet contrast
    ook bij de print out is het lettertype aan de grijze kant

    mvg

    marc de greef

    • Beste Marc,

      Dank voor uw bericht. Onder elk artikel staat een printknopje. Als u daarop klikt, krijgt u hetzelfde artikel met maximaal contrast zodat u het wel goed kunt printen.

      Laat u weten of dit voor u een oplossing is?

      Vriendelijke groeten,

      Webmaster

Reacties zijn gesloten.