De baron van Münchhausen

Door het stelselmatig uitblijven van een oplossing voor de dramatische financiële toestand (die de Griekse overheid overigens grotendeels voor zichzelf heeft gecreëerd) begint stilaan het vertrouwen weg te ebben in de wil of de bekwaamheid van de Europese ‘leiders’ om een uitweg te zoeken uit deze impasse. Dat weegt zwaar door op de financiële markten. Zowel de aandelen- als de obligatiemarkten zijn intussen al stevig gecorrigeerd. Natuurlijk zijn er ook andere redenen voor de recente terugval in de koersen. Niet in het minst omdat ze gewoon moe waren van al dat klimwerk dat al begin 2012 werd ingezet … 

De situatie in Griekenland is veel eenvoudiger dan het lijkt. De ‘geweerkolf’-argumenten van de Duitse minister van financiën Schäuble (gretig overgenomen door Eurogroep-voorzitter Dijsselbloem en links of rechts door lokale financieministers) klinken harder dan ze in werkelijkheid zijn. Natuurlijk mag de eurozone niet zomaar het gelag betalen voor de Griekse verspillingen in de eerste helft van dit decennium, die destijds echter kritiekloos werden aanvaard. Had Griekenland immers niet (na Zweden) de hoogste economische groei in Europa en was dat niet het bewijs van het ‘onmiskenbare’ succes van de muntzone? Dankzij de eengemaakte munt kon een achtergebleven regio als Griekenland zich nu snel integreren in het succesverhaal dat ‘Europa’ heette…

De Griekse overheidsboekhouding was evenwel wat bedenkelijk, zoals later zou blijken, maar vertoonde op zich geen grotere kunstgrepen dan pakweg een gemiddelde Europese grootbank (die met bakken overheidsgeld werden gesteund en nadien hun herstel rustig kunnen bewerkstelligen op basis van ultralage rentevoeten en massale liquiditeitsinjecties).

Maar de ontaarding van de efficiëntie van de Griekse (en Ierse) economie in vergelijking met het Duitse anker van de eurozone was potentieel gevaarlijker. Een dergelijke divergerende ontwikkeling maakt iedere overkoepelende constructie kwetsbaar. In economisch jargon: als de deelnemende landen een heterogene economische structuur hebben, dan zal een externe schok aanleiding geven tot asymmetrische gevolgen. Vertaald in termen die een gewone sterveling verstaat: als de individuele landen onderling te veel afwijken in efficiëntiegraad, dan zal hun muntzone imploderen onder het gewicht van haar onderlinge verschillen. Dat wisten we in 2005 ook al, maar niemand wenste in te grijpen. Ook Duitsland niet.

De externe schok kwam er uiteindelijk door de zware economische terugval na de financiële crisis van 2008 die de aanleiding vormde (maar niet de oorzaak was) voor de diepgravende landencrisis in de eurozone.

In ieder geval hebben Griekenland, Portugal, Spanje, Italië en Ierland nadien een resem (terechte) besparingsmaatregelen opgelegd gekregen die de efficiëntiegraad moesten helpen verbeteren. Deze (nuttige en noodzakelijke) ingrepen hebben er in ieder geval voor gezorgd dat de lopende rekeningen van deze landen weer met zwarte inkt kunnen worden geschreven (en niet enkel omdat de import zou zijn stilgevallen). Maar in de trieste wetenschap die zich economie pleegt te noemen, heeft ieder voordeel zijn (onmiskenbare) nadeel. De besparingen (vooral in de overheidssector) remmen immers ook het economische herstel af, waardoor de budgettaire problemen van een land blijven sluimeren en zich – op het meest ongewenste tijdstip – opnieuw zullen manifesteren.

Maar, zoals reeds gesteld, zulke maatregelen waren nodig om de efficiëntiegraad van de deelnemende landen meer in lijn te brengen met het ankerland van de muntzone. Een nodige voorwaarde voor de stabilisatie van de muntzone, maar onvoldoende om een economisch herstel te bewerkstelligen. Integendeel zelfs …

Iemand die denkt dat men de Europese toekomst kan verzekeren met eendimensionale besparingen gelooft waarschijnlijk een van de meest bekende ‘Münchhausiaden’, waar de leugenachtige baron beweerde zichzelf (en zijn paard) uit het moeras te hebben gesleurd door zich aan de staart van zijn haarstukje op te tillen. U kunt dat best niet proberen na te doen, want het lukt in de realiteit niet zo best …

Net zoals de Griekse situatie niet meer kan worden hersteld door verdere besparingen alleen. Dat heeft men in de afgelopen vijf jaar geprobeerd, wat de lokale bevolking enkel een recessie (met depressiegevaar) heeft opgeleverd. Vanzelfsprekend moeten de pensioensector, de overheid en de sociale zekerheid binnen het Europese gareel worden gebracht, maar zonder mini-Marshallplan voor Griekenland kan dat nooit volstaan om de Griekse situatie te stabiliseren.

Het pleit enerzijds voor het realisme van kanselier Merkel dat ze intern weerstand biedt aan de te eenzijdige benadering van haar financieminister. Anderzijds verzwakt dat wellicht de onderhandelingspositie van de eurozone, die de absolute garantie wenst dat de Griekse overheid zich voldoende hervormt om in de toekomst het Europese model te kunnen volgen.

Gelijk oversteken (misschien op een brug, zoals in spionagefilms, om het dramagehalte op te voeren?): hervormingen in Griekenland in ruil voor een (gecontroleerd) Marshallplan. Dat moet lukken tegen 30 juni, middernacht ergens.

Dat is gemakkelijk uit te leggen in zowel Griekenland als Duitsland en kost minder dan de huidige impasse die zowel in Europa als Amerika zwaar begint door te wegen op de financiële markten en het economische herstel verder afremt door de onzekerheid die ermee gepaard gaat.

Print Friendly, PDF & Email
Dit bericht werd geplaatst in zonder categorie door Stefan Duchateau . Bookmark de permalink .

Over Stefan Duchateau

Stefan Duchateau is adviseur bij de Argenta Groep en voorzitter van de diverse beleggingsvennootschappen van deze groep. Hij doceert o.a. Portfoliomanagement, Financial engineering en Financieel risicobeheer aan de HUB (Brussel), Security selection, Portefeuillebeheer en beleggingsleer aan de KU Leuven en Financial derivatives aan de UHasselt. Bij Argenta richt hij zich ondermeer op het financieel en risicobeheer, het strategisch beleid en de uitbouw van de beleggingspijler van de bank- en verzekeringsgroep. Dit houdt onder meer de ontwikkeling in van beleggingsproducten en het beheer van beleggingsfondsen. Prof. Dr. S. Duchateau studeerde af als handelsingenieur en is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen.